Holwierde


EEN WONDERLIJKE ‘PLANK’

In de kerk van Holwierde hangt een houten plank met een ingekerfde tekst uit het bijbelboek Spreuken. Er zit een verhaal achter dat zich afspeelt in 1945, tijdens de laatste maanden van de oorlog. Een organist, die daar regelmatig inviel voor de vaste organist, had daar een plank gezien waarin iemand bezig was geweest een bloemenrank te kerven met daarin een tekst. Telkens als deze invalorganist ‘s zondags weer moest spelen, zag hij dat de tekst vorderde. Uiteindelijk stond er te lezen: “Gott erhalte unseren Führer. Er schlage die Feinde unseres Volkes.”

De invalorganist en de dominee wisten wiens werk dat was. De dominee en de organist lagen elkaar niet. De organist gebruikte de tijd gedurende de preken van de dominee voor het houtsnijwerk. Reeds voor de oorlog was de man lid geworden van de NSB. De dominee zei dat er maar niet over gepraat moest worden. Binnenkort zou de oorlog afgelopen zijn.

Het duurde inderdaad niet lang meer, maar er gebeurde des te meer. Er werd zwaar gevochten in “the pocket Delfzijl”, vooral in de omstreken van Holwierde. Op een gegeven moment hadden de Duitsers de brug over de Heekt opgeblazen, zodat de Canadese opmars werd vertraagd. Het westelijk deel van het dorp was bevrijd en het oostelijk deel was nog bezet. De Duitsers lieten alle mannen in het oostelijk deel van het dorp in de kerk opsluiten. Een week lang bleef de situatie zo. Maar toen uiteindelijk ook het oostelijk deel werd bevrijd, kon er feest gevierd worden. De invalorganist stapte de kerk binnen om te zien hoe erg het orgel beschadigd was, want de kerk en zelfs het orgel was gehavend door het oorlogsgeweld. Niets hield hem tegen want de deur was kapot. Hij liep naar het orgel en zag dat de tekst op het houtsnijwerk was veranderd. Er stond: “Gelijk een wervelwind voorbijgaat, alsoo is de goddelooze niet meer, maar de regtvaardige is eene eeuwige grondvest.” Spreuken 10:25.

De man snelde naar de dominee om hem erover te vertellen. Alweer was de dominee op de hoogte en vertelde dat hij sterke aanwijzingen had, dat de tekst door een Duitse officier was ingekerfd. De officier die arts was, had zich zeer humaan en zachtaardig gedragen in de tijd dat de mannen van het dorp gevangen zaten in de kerk. Hij was de enige geweest die in de gegeven omstandigheden op het doksaal had kunnen klimmen en de tekst had kunnen veranderen. De dominee zei dat hij zelf een modernere vertaling zou hebben gebruikt. De officier had kennelijk de oude Statenbijbel in de kerk gebruikt voor zijn tekst in het hout.