Holwierde


DE BEZETTER BIJ DE NEUS GENOMEN

De bezettingsjaren tijdens de WO II hebben ook in Holwierde als een donker kleed over het dorp en haar inwoners gelegen. Ondanks de onderdrukking door de bezetters en hun handlangers hebben de Holwierders de humor altijd getracht te bewaren waarbij de bezetter nog al eens bij de neus werd genomen. Hiervan getuigen onderstaande stukjes:

Het fluitje

Voor de Duitse bouwonderneming Organisation Todt (OT) werden ook Holwierders opgeroepen om te moeten gaan spitten voor de vijand. Hierbij moesten ze meehelpen om verdedigingslinies aan te leggen in o.a. Oost-Groningen. Rond het middaguur kwam er dan een vrachtauto op de bouwplaats met gamellen koolsoep voor de spitters. Op het fluitje van de Duitse commandant moesten dan de spades worden neergezet en het eigen meegebrachte eetgerei van de fiets worden gehaald om te gaan eten. Eén der Holwierders, kapper Jan Wichers, stond erom bekend dat hij goed kon imiteren. Op zekere dag vraagt zijn metgezel hem of hij het fluitje van de commandant ook na kan doen en tegen de tijd dat de vrachtauto zou moeten arriveren doet Wichers dit ook. Direct worden alle spades in de grond gezet en lopen de spitters naar hun fietsen. De commandant roept direct: “Was ist loos? Was ist loos?” en vraagt wie dit heeft gedaan. Niemand natuurlijk.Voor straf werd iedereen weer aan het werk gestuurd en het eten een uur uitgesteld. Toch beleefde iedereen (behalve de commandant) plezier aan het gebeuren.

Domies papagaai

Een caféhouder in Holwierde had een papegaai die goed kon praten. De vaste stamgasten hadden hem geleerd “Hitler is dood” te zeggen. Toen de commandant van de Duitse troepen die in Nansum waren gelegerd in het café kwam, hoorde deze de papegaai luid de dood van zijn führer verkondigen. Hij beval de caféhouder onmiddellijk om het beest tot zwijgen te brengen wat lukte door over de kooi een doek te hangen. De kastelein was door dit gebeuren wel geschrokken, het was nu dan wel goed afgelopen maar de papegaai zou hem ook wel eens in ernstige moeilijkheden kunnen brengen. Daarom besloot hij de dominee van Spijk, waarvan hij wist dat deze een gelijkende papegaai bezat, te vragen tijdelijk met hem van dier te ruilen. De dominee wilde dit wel en zo verwisselden de papegaaien van plaats. Enige plaatselijke landwachters hadden van de pratende papegaai gehoord en besloten een kijkje te nemen in de kroeg in de hoop belastend bewijs te vinden tegen de caféhouder die als anti- Duits bekend stond. Ze troffen echter een zwijgende papegaai aan waarop ze om de kooi van het dier gingen staan en hem aanmoedigden iets te zeggen. Ze riepen tegen hem: “Hitler is dood, Hitler is dood.”  Na herhaalde pogingen opende de papegaai zijn snavel en riep met luide stem: “De Here zij geprezen.”